Herfsttomaten teelttip: week 41 - 2018

Het houdt niet op dit jaar. Het lijkt of de zomer er nog steeds is. Overdag temperaturen van ver boven de 20 °C en dit houdt nog enkele dagen aan. Volgende week lagere temperaturen en minder uren zon. Deze week zijn de buitenetmalen hoog voor de tijd van het jaar, idem de stralingssom de afgelopen week al ongeveer 50% meer licht gehad dan vorig jaar en deze week misschien wel het dubbele van vorig jaar.

Dagen van >1000 joule zijn zeer zeldzaam en deze hadden we deze week bijna iedere dag.    

Teelt:
De kop is er nu overal uit de plant. Door het goede weer van de afgelopen weken komen we bijna alleen maar sterke gewassen tegen in de praktijk. Normaal in deze tijd van het jaar zien we bij de vroegste plantingen waar de kop er al minimaal één week uit is, al de eerste groeivlekken ontstaan op de bladeren, deze zien we tot nu toe nog niet. Bij vroegste plantingen (tot begin sept) zien we de eerste tros al flink grof worden. De bladeren gaan iets meer afhangen en de planten komen generatiever te staan, dit is wel sterk afhankelijk van de kracht van de plant.

Wat dit jaar opvalt is dat waarschijnlijk door het goede weer bijna overal sterke gelijkmatige planten in de kassen staan. Goed watermanagement en het mooie weer geeft tot nu toe een goede wortel ontwikkeling. Qua zetting lopen we nog steeds iets voor ten opzichte van vorig jaar, de meeste bedrijven hebben op ongeveer 15 oktober de laatste zetting.

Invloed van het goede weer:

  • Sterke korte trosstelen. Knikken van de trossteel in het midden van de tros wordt hierdoor beperkt.
  • Sterke trossen met voldoende bloemen op de tros. Hierdoor zijn er veel telers die bij de vier trossenteelt overwegen om de 3de en ook de 4de tros op 7 vruchten te snoeien Dit zal nooit bij 100% van de trossen goed uitgegroeide puntvruchten geven. Dus alleen bij de sterkste planten eventueel 7 vruchten aanhouden.
  • Snelle afbloei van de trossen en goede zetting.
  • De puntvruchten zijn sterk.
Foto: sterke / korte trosstelen op de derde en 4de tros.

Klimaat:
De gerealiseerde etmaal temperaturen zijn tot nu toe nog vaak hoog geweest en ook de afgelopen dagen vrij hoog geweest, ten opzichte van het licht is dit nog steeds geen probleem. Zoals eerder genoemd staan de gewassen sterk, echter de graaddagen zullen sneller toenemen dan normaal. 

Nu de kop er overal al uit is en de laatste tros de komende dagen bijna of helemaal uitgebloeid is, dan kan men de nachttemperaturen omlaag zetten. Op de meeste bedrijven is dit onder invloed van de buiten nachttemperaturen al gedaan. 15 °C in de nacht is voldoende met de huidige buitentemperaturen. Enig vorm van etmaalcompensatie kan men bij dit weertype toepassen. De 100 joule per tros die de plant nodig heeft qua onderhoud wordt momenteel makkelijk gerealiseerd. Tot nu toe hebben we nog steeds meer licht en zal de uitgroei van de laatste tros voldoende snel gaan.

Het zachte weer wat er momenteel is verplicht ons om veel meer te gaan luchten. De P-banden voldoende klein maken en ook zeer voorzichtig zijn met lichtverhogingen op de ventilatielijn. Als het de voldoende week het weer kouder wordt dan eventueel wel iets sterker op licht sturen mits men het vocht niet ziet oplopen.
Streef afhankelijk van grofheid en ontwikkeling zetting van de laatste tros de komende dagen naar max 22-24 °C.

Bij afluchten naar de nacht geen sterke vochtverlaging tolereren, maar wel voldoende uitwisseling realiseren en trachten de temperatuur zo snel mogelijk omlaag te krijgen.
Blijf erop letten dat het aantal zwakke planten niet gaat toenemen, vaak is dit de maatstaf dat men te hoog zit qua temperatuur.

Uitgroei van de laatste tros is nog volop bezig, houdt de etmalen nog tussen de ±16,8-18 °C.

Bij de huidige hoge buitentemperaturen ervoor zorgen dat de ramen voldoende snel opengaan. Op de stooklijn luchten en P-banden klein houden om de temperatuurstijging beperkt te houden.
Bij de herfstteelt ziet men altijd het eerste magnesiumgebrek ontstaan op de warmste hoeken, dus tracht met snel luchten de planten sterk te houden.

Als de nachttemperaturen weer beduidend lager worden (< ±8 °C) i.c.m. zon (helder weer) in de ochtend tijdig opstoken om zwelscheurtjes en dergelijke te voorkomen. Blijf alert op het ontstaan van condensatie nu de vruchtgroei sterk toeneemt. Afhankelijk van de grofheid van de plant naar 16-17 °C opstoken minimaal 1 uur voor zon op  

Tracht zo maximaal mogelijk lichtafhankelijk te sturen

Schermen:
Zal met het huidige weer niet nodig zijn en ook niet wenselijk. Tracht alleen te schermen als er minimaal een buis van 40 °C in kan blijven en zorg voor voldoende uitwisseling door te luchten boven het scherm.

Tracht dit eerst met de windzijde te doen zodat men meer vocht afvoert en daarna eventueel de luwe zijde erbij.

Kwaliteit:
Door het goede weer, sterk groot blad gekregen. Ook de in het begin iets te dunne gewassen staan nu voldoende in het blad, zorg voor licht op de trossen en haal afhankelijk van de dichtheid het blad geheel of gedeeltelijk weg.

  • Ec gift tussen de 2,8-3,0 Ec hanteren. Eventueel de komende dagen bij oplopende Ec in de mat (>5) de gift verlagen door grotere beurten midden op de dagen en eventueel bij enkele beurten de Ec verlagen naar b.v. 2,5.  Tracht echter een basis Ec niet lager dan 3 te hanteren op basis van kwaliteit.
  • De Kali behoefte neemt vanaf nu duidelijk toe. Tijdig de gift verhogen. Plantsap analyses geven een goed beeld hoe de opname van kali verloopt, de afgelopen dagen is er veel water gegeven en dan komt de plant geen kali te kort, maar bij minder water gift de kali verder verhogen naar eventueel extra mmol op het standaard schema.
  • Laat een giet en drainwater analyse nemen.
  • Actief blijven telen zodat het wortelgestel gezond blijft (haarwortels), zorg voor buisvraag en voldoende luchtuitwisseling. Kijk een kritisch naar de grafieken of er voldoende snel gelucht wordt.
  • Houdt het natrium getal in de drain < 4 mmol.  Eventueel minder gaan recirculeren.
  • Extra aanpassing Fe, Mn en Borium.  Borium streefcijfer in de drain 90-100 mmol om de groene delen van de kroontjes voldoende sterk te houden en ook om de vruchten sterk aan de tros te houden. 

Voeding:

  • De pH is op de meeste bedrijven flink omhooggegaan zelfs tot > 7. Indien mogelijk Ureum meegeven i.p.v. ammoniumnitraat om de pH onder controle te houden. De opname van sporenelementen blijft nog sterk afhankelijk van de pH. Vooral de mangaan en ijzer opname gaat de komende weken een rol spelen als de groeiomstandigheden afnemen.  Geef mangaanchelaat mee en bij ijzer EDDHA.  De P-gift verlagen zodat de P niet antagonistisch gaat werken op de opname van ijzer.
  • Ook de Kali gift gaan verhogen nu de vruchttoename groot is. Begin tijdig met het iets verhogen van de kali en verlagen van het calcium. Verhoog kali e.v.t. met 1-1,5 mmol, houdt de kali in de drain nog altijd minimaal 2-3 mmol onder de calcium.

Watergift:
Blijft belangrijk om dagelijks naar de grafieken te kijken qua entering. Streef naar 10-12%. Op steenwol de beurten al vergroten naar 200-350 ml en de eerste beurt (en) naar 350-400 ml.

Hommels c/q Bestuiving:
Over het algemeen zien we nu nog nergens zetting problemen, de bloemen zijn voldoende bestoven. Op de meeste bedrijven zijn er de laatste week ook weer enkele hommel kasten bij gezet.

Gewasbescherming:

Tuta Absoluta:
Momenteel zien we al op enkele bedrijven de eerste schade van de Tuta Absoluta. Bij de jaarrond tomaten zijn er op sommige bedrijven grote problemen om deze mot dood te krijgen en is de schade ook plaatselijk zeer groot.

Foto Links: De tomaatmineermot (Tuta absoluta). Rechts: Flink schadebeeld op het blad

Schadebeelden:
De meest opvallende schade door de tomaten mineermot (Tuta absoluta) bestaat uit de vlekvormige mijnen in de bladeren (zie foto). De rupsen geven de voorkeur aan bladeren en stengels, maar kunnen ook voorkomen onder de kroon van de vrucht en zelfs in de vrucht zelf. De rupsen eten alleen van het bladmoes, waarbij de epidermis van het blad intact blijft. Zodra er vruchten gevormd worden, kunnen deze worden aangetast, maar de rupsen voeden zich alleen met groene vruchten. Bij een ernstige aantasting sterven de bladeren geheel af. Door de gangen die de rups graaft, ontstaan er misvormingen. Schade aan vruchten geeft schimmelziektes de gelegenheid binnen te dringen, wat leidt tot vruchtrot voor of na de oogst.

Bestrijding:
Altacor en Tracer zijn middelen die goed werken. Let echter wel op dat er geen resistenties optreden. Bij signalering van deze plaag direct ingrijpen.

Overig:
Weinig problemen met de witte vlieg en ook de rupsen zijn (nog) geen grootprobleem, zodra de hommels niet meer nodig zijn kan men eventueel een bestrijding uitvoeren.

 

Meer weten? Neem gerust contact op met één van onze accountmanagers.

Informatie die door Monsanto of haar medewerkers wordt gegeven, hetzij mondeling, hetzij schriftelijk, gebeurt in goed vertrouwen, maar dient niet beschouwd te worden als een garantie van Monsanto met betrekking tot prestaties en geschiktheid van haar rassen. Resultaten kunnen variëren onder invloed van klimatologische of andere omstandigheden. Monsanto aanvaardt geen enkele verantwoordelijkheid met betrekking tot de geleverde informatie.