Teelttip Merlice – Onbelicht: 21 december 2017

Afgelopen jaar kenmerkte zich door galmijt problemen in de tomatenteelt en gaat ook niet de boeken in als een productiejaar.

Terugblik seizoen 2016-2017:  Zeker aan het einde van de teelt liet het licht ons in de steek. Oktober viel met 4000 joules tegen t.o.v. vorig jaar en het jaar daarvoor. Het aantal gele stengels werd uiteindelijk ook meer dan wenselijk. Niet een makkelijk maar toch nog redelijk succesvol jaar want we weten inmiddels wel goed wat we aan Merlice hebben.

 

Dit jaar zijn we gestart met minder vaste folie schermen. Dit is een reactie op afgelopen jaren waarbij de folie steeds minder lang bleef liggen vanwege het uitblijven van langdurig koud weer. Ik heb de indruk dat er gemiddeld iets vroeger is gezaaid, de grootste groep Merlice telers zaait tussen 15 en 25 oktober waarbij er tussen kerst en oud en nieuw 1e bloei is.

We komen een gevarieerd beeld in plantmateriaal tegen onderweg. Dit jaar, met de donkere oktober en november maand loonde het de plant langer en ruimer bij de plantenkweker te laten staan. Bestel je een halfwas plantje wat eigenlijk tegen afleveren te dik staat, kom je al gauw in de problemen met de hoeveelheid reserve zeker als je niet eerder poten kan. De opkomst en kieming van Merlice waren prima dit jaar, de uitloop van de scheuten ook. Toch wordt Merlice snel ongelijk bij de plantenkweker. Dat komt omdat de onderste scheut qua aanzet vaak wat dunner is. Net even teveel warmte, of te dik staan veroorzaakt dan al gauw ongelijkheid. Als dit eenmaal gebeurd is dit niet makkelijk te repareren. Het enige wat de plantenkweker dan nog kan doen is de onderste scheut paars houden. Het is daarom ook aan te raden voor een ander jaar een afgekweekte plant te bestellen waarbij een plantenkweker de ruimte krijgt gelijke scheuten af te leveren.

Na het planten is het zaak de stokjes uit elkaar te zetten (zie 2e foto) of snel aan te binden. De scheuten vangen dan maximaal licht en rekken elkaar niet op. Bovendien vangen de scheuten dan meer stralingswarmte van het ondernet op. Het is met name de buis die komende periode bepalend is voor het plantmodel, dus hoe dichterbij hoe beter. Dit geldt dan wel voor de dag en niet voor de nacht, want dan moet je uitkijken met teveel buiswarmte. Ook een groeibuis kan flink in de weg liggen en warm worden op momenten dat je het niet wil. Ook daarvoor is het goed de scheuten snel uit elkaar te halen.

Vorige week met 800 joules totaal, moest je een etmaal draaien van 15,5-16 0C, om de plant heel te houden. Diezelfde hoeveelheid licht hebben we in 3 dagen gehad afgelopen weekend. Etmalen varieerden toen van 17 tot bijna 18 0C . Momenteel zitten we weer in de donkere dagen voor kerst. De vraag is hoe om te gaan met zulke wisselingen in licht en in hoeverre je reserve moet aanhouden in de kop. We zitten immers ook in de fase dat we snelheid moeten maken. Iedere dag alle energie wegstoken vergt een wel zeer actief beleid waarbij er in mijn optiek eerder fouten gemaakt worden met de plant leeg stoken. De eerste gevallen van bloemabortie dienen zich al aan. Je moet daarom de ruimte hebben om ’s middags te kunnen pieken voor een goede bloemkwaliteit en om de bloem open te stoken. Natuurlijk in combinatie met droog telen op de pot maar daar komen we straks op terug.

Het schermbeleid is in grote mate bepalend voor het plantmodel, klimaat maar vooral gerealiseerd etmaal. Bij voorkeur iedere dag open van 11.00-14.00 om licht binnen te halen. Openen tussen 75-125 watt, afhankelijk van buitentemperatuur. Meest bepalend of doek open gaat en hoe lang, bepaal je zelf als teler en niet de computer. Dat zag je vorige week ook met het weg stoken van de sneeuw. Momenteel is het heel zacht buiten en is het goed het scherm vroegtijdig te openen om de planttemperatuur af te vlakken. Dan speelt de instraling op dat moment dus geen rol. Op het moment van schrijven, is het zo zacht buiten dat veel doeken vannacht open gebleven zijn.

Overdag activeren en op kleur zetten. Immers, er hangen geen vruchten aan de plant dus hoe moet de plant anders generatief aangestuurd worden? Dat gebeurd dus niet mits er overdag voldoende gepiekt wordt!  Anders blijven alle assimilaten  in het blad. Wanneer de kop daarentegen leeg staat en er geen assimilaten te verdelen zijn, bijvoorbeeld bij een te hoog etmaal, verzwakt de tros. De kop gaat rekken en de tros staat stil qua ontwikkeling. Wees dit moment dus altijd voor! Daarom ook de focus op kleur maken overdag. Met veel licht dag verlengen tot 16.30/17.00 en scherm op tijd dicht trekken om piek goed te realiseren. Vervolgens met de 8 0C buitentemperatuur nu, scherm weer openen naar de voornacht.

Een ochtendverlaging is nu op zijn plaats ook al hangt er nog niet echt een tros uit. Je voorkomt wel dat de temperatuur doorschiet op het moment dat de plant nog actief moet worden. Wanneer het scherm nog niet open is en je wilt deze verlaging realiseren met de luchtramen boven het doek zou deze verlaging 2 uur voor zon op moeten plaats vinden om het meeste effect te hebben.

Folieteelt:
Het beweegbaar scherm overdag altijd open van zonop tot zononder. Bij kou ’s middags niet te vroeg dicht laten lopen want een folie en een beweegbaar doek geven heel weinig lichtdoorlatendheid. Het gaat er met folie om dat je snelheid kan maken maar ook zoveel mogelijk licht binnen haalt. ’s Nachts pas dicht laten lopen op buisvraag of 2-3 oC buitentemperatuur. Luchtlijn bij start 1 0C boven de stook, naarmate de teelt vordert, en plant meer vocht produceert, luchtlijn op stook lijn zetten.

Momenteel ziet het ingestelde klimaat er als volgt uit: 14-16-15-20+2 0C, bij een folieteelt is dat 13-15-14-21+3. Bij folie ligt er als het ware een warme deken over de plant en vind makkelijker vegetatie plaats. Omdat er ’s nachts nauwelijks geactiveerd wordt overdag forser beetpakken. De minimumbuis ligt om die reden ook ’s nachts laag. Overdag is het belangrijkste om kleur te maken. Daarom is een minimumbuis van 50-55 0C noodzakelijk Houdt rekening met de afstand van de buis tot de koppen. Hoe meer afstand, des te hoger de buis.  Let erop met het zachte weer dat er altijd een minimumbuis overdag in blijft liggen en dat deze niet op licht weg mag, hooguit een kleine afbouw.

Co2: Vloeibaar bij voorkeur of ketelgas. 600+200 ppm op licht.

Watergift: Uitgaande van een 10 x 10 cm pot sturen op een minimaal potgewicht van 350 gram en een bovengrens van 450-500 gram. Start begin van de teelt overdag met watergeven (11.00). Dan hoor je de kraanset lopen en kan je de druppelaars controleren. Een plant verdampt per etmaal momenteel tussen de 80 en 125 gram dus dan weet je ook hoeveel water je ongeveer moet geven. Wanneer het spannend wordt met de tros kan je overschakelen naar ’s avonds water geven, de pot blijft overdag dan droger.  Met een dag mooi weer de potten gelijktrekken. Anders beperkt water. Er is vol gedruppeld met overwegend 4 Ec. Houdt het druppelwater ook zo hoog.

Alvorens te draineren, eerst een gaatje prikken boven de sealnaad van de steenwolmat om te voorkomen dat wortels kans zien matwater op te nemen. Je ziet heel snel dat via een per ongeluk geprikt gaatje van de stok met planten of wortels die via de sealnaad aan de bovenkant van de mat potten zichzelf volzuigen met water.

Komende weken zullen bij 1e bloei de eerste planten het plantgat op gezet worden. Streef hierbij naar 2-4 bloemen bloei per tros. Tijdens het inwortelen ondervindt de plant hinder van een harde toplaag op een mat, bij zachtere mattypes kan je ervanuit gaan dat de plant zo aan zijn matwater zit. Je ziet dan snel de bloei vertragen. Het is dan beter iets later te poten om de zetting van de 1e tros niet te onderbreken. Druppel Ec hoog genoeg houden (3,5-4) om verschil tussen pot en mat te nivelleren. Bij op de mat gaan zelfde watergift hanteren als je deed voor het poten. Geen extra water om wortels de mat in te helpen, dat lukt ze zelf wel.

Meer teelttips van Merlice lezen ? Zie hieronder voor meer tips:

Meer weten? Neem gerust contact op met één van onze accountmanagers.

De technische informatie in dit document wordt slechts gegeven ten behoeve van een niet winstgevende proef. Individuele resultaten en prestaties van een ras kunnen van locatie tot locatie en van jaar tot jaar verschillen. Advies is niet bindend en er kunnen geen rechten aan worden ontleend, aangezien lokale omstandigheden als teelt, substraat en weersomstandigheden kunnen afwijken.

Informatie die door Monsanto of haar medewerkers wordt gegeven, hetzij mondeling, hetzij schriftelijk, gebeurt in goed vertrouwen, maar dient niet beschouwd te worden als een garantie van Monsanto met betrekking tot prestaties en geschiktheid van haar rassen. Resultaten kunnen variëren onder invloed van klimatologische of andere omstandigheden. Monsanto aanvaardt geen enkele verantwoordelijkheid met betrekking tot de geleverde informatie.